
De Fedet Marktmonitor biedt eens per maand waardevolle inzichten in marktontwikkelingen binnen de technische installatiebranche. Met actuele data en analyses helpt de Marktmonitor bedrijven trends te volgen en strategische beslissingen te nemen. Voor vragen betreffende/ deelname aan de Fedet Marktmonitor neem je contact op met FME Business Intelligence FedetBI@fme.nl. Uitsluitend deelnemers ontvangen de volledige rapportage.
Fedet Marktmonitor februari 2026
Op papier ziet 2026 er best aardig uit. De inkoopmanagersindex kruipt weer boven de 50. De productie in Nederland groeit naar verwachting met zo’n 1%. Orderboeken lopen voorzichtig vol. In Duitsland draait de industrie voor het eerst in lange tijd weer in expansie. En in de technologische sector zorgen defensie, chipmachines en energietransitie voor nieuwe opdrachten. Wie alleen naar het volume kijkt, zou kunnen denken: we zijn er weer. Wie op de werkvloer rondloopt, weet beter. Want achter de volumegroei schuilt een ander verhaal: margedruk. En die komt niet uit één hoek.
Allereerst de grondstoffen. Koperprijzen die in korte tijd fors oplopen. Metaalprijzen die aantrekken zodra de vraag iets verbetert. Voor veel maakbedrijven is materiaal geen bijzaak maar de kern van de kostprijs. Een paar procent erbij tikt direct door in de marge — zeker als contractprijzen al maanden vastliggen. Daarbovenop blijft energie in Europa structureel duurder dan in de VS. Drie tot vier keer hogere gasprijzen zijn geen detail, maar een strategisch nadeel. Zeker voor bedrijven met ovens, smeltprocessen of energie-intensieve bewerkingen. Efficiëntie helpt, maar het verschil met concurrenten buiten Europa verdwijnt er niet door.
En dan zijn er de tarieven. Het uniforme Amerikaanse invoertarief van 15% op Europese producten dempt de exportgroei. Voor staal en aluminium loopt het zelfs op tot 50%. Ondertussen verschuiven Chinese exportstromen richting Europa, wat hier weer extra prijsdruk veroorzaakt. De concurrentie wordt dus scherper, terwijl de kostenbasis hoger ligt. Het resultaat is een bijzondere situatie: de volumes groeien licht, maar het comfort neemt niet toe.
Dat zien we ook terug in de cijfers. Minder faillissementen, maar weinig euforie. Productie groeit, maar bezettingsgraden blijven relatief laag. Ondernemers verwachten omzetstijging, maar blijven voorzichtig in hun investeringen. Niemand zet de champagne koud — hooguit de koffie. Voor het middenmanagement in maakbedrijven betekent dit dat 2026 geen jaar wordt van achteroverleunen. Integendeel. Kostprijsbeheersing, inkoopstrategie en contractmanagement zijn belangrijker dan ooit. Kleine optimalisaties in materiaalgebruik, energie-efficiëntie of logistiek maken het verschil tussen een order die “lekker loopt” en een order die daadwerkelijk geld oplevert.
De technologische industrie heeft structurele groeifactoren — digitalisering, defensie, chipmachines — en dat biedt perspectief. Maar groei alleen is niet genoeg. In een wereld van hoge energieprijzen, geopolitieke onzekerheid en agressieve concurrentie uit China wordt winstgevendheid geen vanzelfsprekendheid meer. 2026 lijkt daarmee geen doorbraakjaar, maar een balansjaar. Een jaar waarin duidelijk wordt welke bedrijven hun kostenstructuur écht onder controle hebben en welke vooral afhankelijk zijn van gunstige marktomstandigheden. Of, om het nuchter te zeggen: meer werk is prettig. Maar alleen als er onderaan de streep ook iets van overblijft.







